De of het doek?

Het is: het doek

“Het doek in de bioscoop had een breedbeeldformaat.”

De-woorden en het-woorden

Woorden die de- en het-woord kunnen zijn, soms met betekenisverschil (homoniemen) en soms zonder betekenisverschil.

Oefen dit woord
Meer woorden met deze regel:

doek’ in de woordenboeken van het IVDNT

Start de lidwoorden trainer!